
Je wil niets vergeten. Dus komt alles op de slide. Zeven bullets, netjes uitgelijnd, elk punt even belangrijk. Alleen denkt je publiek daar anders over. Ze lezen alles in tien seconden, haken af bij punt vier en zijn al klaar terwijl jij nog aan punt twee bezig bent.
Een beetje als een stagiaire-cowboy die voor het eerst mag schieten. Baf, alles tegelijk. Veel lawaai, weinig raak.
Waarom te veel bullets niet werken
Je publiek kan niet tegelijk lezen en luisteren. Het brein kiest. En lezen wint, want dat gaat sneller dan jij praat. Onderwijspsycholoog Richard Mayer toonde het aan: wie luistert en tegelijk dezelfde tekst leest, onthoudt minder dan wie luistert en naar een beeld kijkt. Je slide concurreert dus met jezelf.
Bullets horen thuis in een hand-out, een rapport of een blog. Daar is de lezer de stuurman. Hij kiest wat hij leest, wanneer en hoe vaak. Tijdens je presentatie zit jij aan het stuur.
Wat werkt beter?
Eén boodschap per slide. Eén zin, één sterk beeld. Een lijst van zeven punten onthoudt niemand. Eén scherpe uitspraak met een beeld dat raakt, die blijft.
Hoeveel bullets per slide?
Moeten het echt bullets zijn? Hou het dan bij maximaal drie. En mik als een scherpschutter:
Zo bepaal jij het tempo. Je publiek leest niet vooruit, blijft bij jou en elke bullet krijgt zijn moment.
Kortom
Gebruik bullets als een scherpschutter. Niet als cowboy met losse pols.
Benieuwd of jouw slides raak schieten? Met de presentatiecheck bekijk ik je presentatie met een strategische blik. Of leer in de training hoe je van een volle slide een verhaal maakt dat overtuigt en blijft hangen.